Lilianne Ploumen
Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

Waarom is het belangrijk om het convenant ‘Duurzame Kleding en Textiel’ te ondersteunen?

Bedrijven, maatschappelijke organisaties, vakbonden en de overheid hebben voor het eerst samen een concreet plan gemaakt over hoe ze willen werken aan veilige fabrieken, fatsoenlijke lonen en schone productieprocessen in de landen waar onze kleding wordt gemaakt. Dit is uniek in de wereld; Nederland loopt hiermee echt voorop.

De bedrijven die zijn aangesloten bij het convenant gaan aan de slag om zaken als kinderarbeid, lage lonen, slechte arbeidsomstandigheden en milieuvervuiling aan te pakken. Zij zetten zich in om misstanden op het spoor te komen en nemen maatregelen om die misstanden zoveel mogelijk te verhelpen of te verbeteren. Dit doen zij samen met vakbonden, maatschappelijke organisaties en de overheid. Ook via partners van de Nederlandse vakbonden en NGO’s in de textiellanden wordt er gewerkt aan verbeteringen ter plekke. Hoe meer bedrijven meedoen, hoe meer we voor elkaar kunnen krijgen.

Hoe komen hulp en handel bij elkaar in het convenant?

Kledingbedrijven willen geld verdienen, en zo hoort het ook. Het mooie van het convenant is dat we laten zien dat bedrijven winst kunnen maken en tegelijkertijd kunnen bijdragen aan veilige en schone productieprocessen in die landen waar zij hun kleding laten maken. Zo bedrijven ze hulp èn handel. Bovendien is het bijzonder dat bedrijven om tafel zitten met maatschappelijke organisaties en vakbonden om samen plannen te maken en aan de slag te gaan. Ook daar zie je dat de hulp- en handelswerelden bij elkaar komen.

Wat betekent het convenant voor Nederland en haar rol in Europa?

Als je wilt dat er wat verandert, moet je niet bang zijn zelf de eerste stap te zetten. Maar omdat Nederland een relatief kleine speler is, is aansluiting zoeken bij internationale initiatieven wel belangrijk. We hebben als convenantspartners afgesproken dat we ons best gaan doen om onze Europese partners mee te krijgen. De EU heeft als grootste handelsblok ter wereld en 500 miljoen consumenten enorm veel gewicht in de schaal te leggen. Samen met landen die ook al wat verder zijn op het gebied van eerlijke kleding, zoals Duitsland, Denemarken en het Verenigd Koninkrijk wil ik kijken hoe we tot een soort convenant op Europees niveau kunnen komen.




Maurice Limmen
Voorzitter CNV

Waarom steunt CNV het convenant duurzame kleding en textiel?

“De vreselijke beelden van de fabrieksramp in Bangladesh staan in ons collectieve geheugen gegrift. In 2013 beseften wij met z’n allen onder welke vreselijke omstandigheden mensen in Azië onze kleding moeten produceren. CNV Internationaal ondersteunt al veel langer het werk van lokale vakbondsmensen in ontwikkelingslanden, die opkomen voor arbeiders in de kleding- en textielindustrie. Niet eerder zagen wij dat de kleding- en textielbranche, de overheid, maatschappelijke organisaties en vakbonden op deze wijze de handen ineenslaan. Dat maakt het convenant zo uniek. Ik ben blij dat een leefbaar loon en vakbondsvrijheid expliciet aandacht krijgen binnen deze afspraken. Maar tegelijkertijd zeg ik: wij zijn er nog lang niet. Het ondertekenen van het convenant is geen pennenstreek waarmee de schendingen van arbeidsrechten zomaar verdwenen zijn. Vanaf nu moet er hard gewerkt worden om de afspraken in de praktijk te brengen.”

Wat betekent het voor de vakbeweging?

“De ondertekenaars van dit convenant erkennen de rol van vakbonden in ontwikkelingslanden, die zich in de kleding- en textielsector inzetten. De lokale vakbonden kunnen daardoor veel steviger hun rol als ‘watchdog’ vervullen. Die verantwoordelijkheid gebruiken zij door signalen van onrechtmatigheden om te zetten naar bijvoorbeeld het indienen van een officiële klacht bij instanties zoals het Nationaal Contactpunt van de OESO. Het CNV ondersteunt onze lokale partnervakbonden daarbij, bijvoorbeeld door trainingen te geven of onze eigen expertise met hen te delen.”

Wat betekent het voor werknemers in Nederland?

“Werknemers in de Nederlandse kledingwinkels krijgen geregeld te maken met kritische vragen van consumenten. Daarom moeten werkgevers zorgen voor betere voorlichting aan hun eigen personeel. Op die manier kunnen zij klanten beter bedienen. Nederlandse consumenten moeten op hun beurt kritische vragen blijven stellen om de kledingmerken scherp te houden.”



Jef Wintermans
Directeur MODINT

Waarom is het belangrijk dat de branche het convenant ondersteunt?

“Met dit convenant werkt de kledingsector gezamenlijk verder aan de concrete verbetering van de internationale kleding- en textielproductieketen. Door de gebundelde kennis en expertise kunnen we veel meer doelen realiseren zoals een loon waar mensen goed van kunnen rondkomen en sterkere vakbonden.”

Wat voor verschil zal het maken als de branche hierin meegaat?

“Je laat als bedrijf zien dat je verantwoordelijkheid neemt voor de omstandigheden waaronder je kleding wordt gemaakt en dat je naar vermogen wilt werken aan zaken als de verbetering van arbeidsomstandigheden en milieuvervuiling. Daarnaast heb je een veel beter beeld van hoe je productieketen eruit ziet. Hierdoor kun je efficiënter produceren hetgeen je omzet ook weer ten goede komt.

Hoe werkt het convenant in de praktijk?

“Bedrijven bepalen op basis van onderzoek in hun eigen toeleveringsketen zelf aan welke maatschappelijke thema’s ze gaan werken en leggen dit vast in een plan van aanpak. Je kunt hierbij denken aan onderwerpen als het bevorderen van vakbondsvrijheid en het tegengaan van discriminatie. Een secretariaat zal de plannen van aanpak toetsen naar billijkheid en redelijkheid.”

Welke stappen moeten er nog genomen worden om het convenant in werking te laten treden?

“Tenminste 35 bedrijven, die samen minimaal dertig procent van de omzet in Nederland vertegenwoordigen, moeten in juni het convenant ondertekenen. Daarnaast moet ook de financiering van het convenant voor die tijd door de rijksoverheid zeker worden gesteld. Zodra dat het geval is, kan er een secretariaat worden opgericht.”

Wat zou bedrijven ervan kunnen weerhouden om het convenant te tekenen?

“Bedrijven tekenen vrijwillig het convenant, maar het is niet vrijblijvend. Ze moeten open kaart spelen over hun productielocaties. Dat is voor veel bedrijven nog een heet hangijzer in verband met de concurrerende markt. Het secretariaat publiceert deze gegevens van alle deelnemende bedrijven tegelijk, zodat het niet herleidbaar is naar een mark of winkelketen.”